Grasmatten direct over bestaand gras leggen kan, maar alleen als de ondergrond vlak is, er geen dikke viltlaag ligt en het oude gras geen sterke concurrentie vormt. Doe je dat zonder voorbereiding, dan krijg je kuilen, opstaande randen en een mat die niet aanslaat. Doe je het goed, met afplaggen waar nodig, egaliseren en direct water geven, dan heb je binnen vier tot zes weken een dichte, stevige grasmat waar je blij mee bent.
Grasmatten over gras leggen: stap-voor-stap gids NL
Wanneer je het kunt doen en wanneer beter niet
De grote verleiding is om gewoon nieuwe grasmatten bovenop het bestaande gazon te gooien en klaar. Dat werkt in één specifieke situatie redelijk goed: als je grasmatten bovenop het bestaande gazon gooien, maar het oude gras en de ondergrond wel meewerken. Dat werkt in één specifieke situatie redelijk goed: als je gazon dunner is geworden maar de bodem al vlak, goed doorlatend en onkruidarm is. Denk aan een plek waar gras is weggesleten door gebruik, maar de bodem zelf gezond is. In dat geval kun je relatief snel handelen door de dunne plekken aan te vullen.
Maar in de meeste gevallen waarbij mensen grasmatten over gras leggen willen, zit er een probleem onder dat de nieuwe mat niet oplost. Check daarom eerst deze vier signalen voordat je beginnen overweegt:
- Viltlaag van meer dan 1 cm: vervilte resten van oud gras vormen een sponslaag die wortelvorming tegenhoudt. Nieuwe matten wortelen er niet doorheen.
- Onkruid zoals kweekgras, paardenbloem of muur: grasmatten leggen over bestaand onkruid betekent dat het gewoon doorgroeit en je nieuwe mat van onderaf overneemt.
- Slechte drainage: staat er na regen water op het gazon, dan is de bodem verdicht. Nieuwe matten bovenop maken dat alleen maar erger.
- Hoogteverschil groter dan 3 cm: als het bestaande gras te hoog uitkomt ten opzichte van tegels, opsluitbanden of paden, wordt de nieuwe mat een obstakel in plaats van een oplossing.
Is één of meer van bovenstaande punten van toepassing? Dan moet je eerst ingrijpen, soms door volledig af te plaggen. Vergelijkbare overwegingen gelden trouwens ook als je graszoden over oud gras of grasmatten op bestaand gras wilt leggen: de beginsituatie bepaalt hoeveel werk je vooraf moet doen.
De ondergrond voorbereiden: dit bepaalt of het lukt
Hier gaat het het vaakst mis. De voorbereiding is minstens zo belangrijk als het leggen zelf, en dit is ook het werk waar je de meeste tijd aan kwijt bent. Sla dit niet over.
Stap 1: afplaggen of kaal maaien

Als er een viltlaag is of het bestaande gras te hoog staat, moet dat weg. Maai het gazon zo kort mogelijk, bij voorkeur tot vrijwel op de grond (1 tot 2 cm). Heb je een stevige viltlaag, gebruik dan een verticuteermachine of plagfrees om die weg te halen. Bij ernstige situaties, denk aan dik, vervilte grasmat of hoge onkruiddruk, spit je de hele laag af met een spade of een graszodensnijder.
Bij graszodenrenovatie is het afsteken van de oude grasmat of het verwijderen ervan met een (graszoden)snijder een gangbare eerste stap, zodat je daarna de ondergrond kunt egaliseren en opnieuw kunt aanleggen verwijderen van de oude grasmat. Die snijder kun je huren bij een materiaalbedrijf zoals Sijperda of een lokale toolsharing-service.
Verwijder daarna alle losse resten grondig: elk stukje kweekgras dat blijft liggen, komt later terug.
Stap 2: egaliseren en het juiste niveau bereiken
Check na het afplaggen of kaal maaien het hoogteverschil ten opzichte van bestrating, opsluitbanden en paden. Een grasmat is gemiddeld 3 tot 4 cm dik. De ondergrond moet dus 3 tot 4 cm lager liggen dan het gewenste eindniveau. Vul lage plekken aan met teelaarde of tuinaarde. Gebruik minimaal 5 cm verse teelaarde als basislaag als je een volledig kale ondergrond hebt na afplaggen. Trek alles glad met een hark of een egalisatiebord. Controleer daarna met een lange lat of waterpaslat of er nog kuilen of hobbels zitten. Die zie je nu nog makkelijk; na het leggen zijn ze een nachtmerrie om te corrigeren.
Stap 3: drainage verbeteren als dat nodig is

Is de bodem kleiachtig of verdicht? Prik de grond door met een grondbeluchter of aerator voordat je teelaarde aanbrengt. Strooi daarna een laag grof zand (rivierzand, geen speelzand) over het oppervlak en werk dat in. Dit verbetert de doorlatendheid structureel. Bij echte wateroverlast, denk aan plekken waar altijd modder staat na regen, is een drainageslang of drainage-systeem de enige echte oplossing. Nieuwe grasmatten zonder drainageaanpak zijn dan weggegooid geld.
Stap 4: aanlegbemesting inwerken
Werk voor het leggen een aanlegbemesting door de bovenste laag grond. Dit is een meststof met veel fosfaat, die wortelgroei stimuleert. In de Nederlandse tuincentra en graszodenspecialisten kun je dit als 'starter' of 'aanlegmeststof' kopen. Gebruik circa 30 gram per vierkante meter en hark het licht in. Maak de grond daarna ook licht vochtig, maar niet drassig.
De juiste grasmat kiezen
Niet elke grasmat is hetzelfde, en de keuze maakt echt verschil voor het resultaat op de lange termijn. In Nederland zijn grasmatten (ook wel graszoden) te bestellen bij gespecialiseerde kwekers die leveren in rollen of platen van vaste afmetingen, vaak 0,4 x 2,5 meter per rol (= 1 m²) of 0,33 x 2,5 meter.
| Type grasmat | Geschikt voor | Eigenschappen | Aandachtspunten |
|---|---|---|---|
| Gebruiksgrasmat | Achtertuin, speelgazon, hond | Robuust, herstelt snel na gebruik, mengsel van Engels raaigras en veldbeemdgras | Minder fijn van structuur dan siergras |
| Siergrasmat | Representatieve voortuin, borders | Fijne structuur, egaal groen, lager maaisel | Minder bestand tegen intensief gebruik, kwetsbaarder bij droogte |
| Schaduwgrasmat | Onder bomen, noordkant van huis | Bevat schaduwtolerante grassen zoals roodfescue | Vraagt toch minimaal 3-4 uur indirect licht per dag |
| Sportgrasmat | Voetbalveld, intensief bespeeld terrein | Extra stevig, diepe beworteling, bestand tegen vertrapping | Hogere prijs, vaak minimale afname vereist |
Koop grasmatten bij een gespecialiseerde leverancier, niet van de goedkope stapel bij de bouwmarkt. Kwaliteitsmatten hebben een egale, dichte grasmat van minimaal 2,5 tot 3 cm dikte met een goede wortelmassa eronder. Controleer bij aflevering of de matten niet te warm zijn of al geel kleuren: dat zijn tekenen van zuurstofgebrek doordat de rollen te lang gestapeld hebben gelegen. Grasmatten mogen tijdens transport en plaatsing absoluut niet uitdrogen. Plan de levering daarom op de dag van aanleg, en bewaar ze niet langer dan 24 uur.
Zo leg je de grasmatten stap voor stap

Goed begin is het halve werk, maar de uitvoering bepaalt de rest. Hier volgt de exacte werkwijze.
- Begin altijd vanuit één rechte lijn, bijvoorbeeld langs een pad, terras of opsluitband. Leg de eerste rij zo dat de lange kant van de mat evenwijdig loopt aan die lijn.
- Leg rijen in een half-steens verband: de naden van de ene rij lopen halverwege de mat van de volgende rij. Dit voorkomt doorgaande naden die later zichtbaar blijven of openspringen.
- Druk elke mat goed aan tegen de vorige: er mogen geen kieren zitten. Gebruik een plankje waarop je kunt knielen om de ondergrond niet te beschadigen en de matten direct aan te drukken.
- Gebruik op hellingen een paar houten pinnen of staakjes om matten tijdelijk vast te zetten terwijl je verder legt. Bij een helling steiler dan 15 graden is dit vrijwel altijd nodig.
- Snij matten bij randen, bochten en obstakels bij met een scherp mes of een snoeischaar. Een zakmes werkt ook prima. Snij altijd aan de bovenkant, nooit trekken of scheuren.
- Schaduwzones behandel je met een schaduwgrasmat (zie de tabel hierboven) en leg je bij voorkeur in de herfst of het vroege voorjaar aan, wanneer de vochtbehoefte lager is.
- Rol of tamp de volledige grasmat na het leggen aan met een gazonroller of door over de planken te lopen. Goed aansluiting van de wortelmassa op de ondergrond is cruciaal voor aanslaan.
De eerste weken: water, bemesting en de eerste maaibeurt
Dit is de fase waar de meeste mensen het laten afweten, en dan snapt niemand waarom de mat niet aanslaat. De eerste twee weken zijn de kritieke periode.
Water geven: meer dan je denkt
Geef direct na het leggen flink water: minstens 15 tot 20 liter per vierkante meter op de eerste dag. De bodem en de grasmat moeten volledig doordrenkt zijn. De eerste twee weken water je dagelijks, bij warm of winderig weer twee keer per dag. Controleer of het water echt doortrekt: til een hoekje van een mat op en kijk of de grond eronder vochtig is. Is dat niet zo, dan geef je te weinig of het water loopt te snel weg (draineert te snel in zanderige bodem). In dat geval korter maar vaker water geven.
Aanslaan controleren
Na 10 tot 14 dagen kun je testen of de matten aanslaan: probeer voorzichtig aan een hoekje te trekken. Als je voelt dat het mat weerstand biedt (worteltjes hechten), gaat het goed. Laat dan los en ga gewoon door met water geven. Geeft het mat mee zonder enige weerstand na twee weken, dan is er iets mis: te droog, te dikke viltlaag eronder of slechte bodemcontact.
Bemesting en eerste maaironde
Na drie tot vier weken (als de matten goed aanslaan) kun je een lichte stikstofbemesting geven om de groei op gang te brengen. Gebruik circa 20 gram per vierkante meter langzaamwerkende grasmest. De eerste maaibeurt plan je zodra het gras 8 tot 10 cm hoog is, en je maait dan terug naar 5 cm. Gebruik een scherp mes of scherpe maaikop: stompe maaiers rukken jonge wortels los. Rijden met een zware grasmaaier op de nieuwe mat wacht je bij voorkeur tot zes weken na aanleg.
Na een maand is het gazon bij goede omstandigheden (vochtige zomer, of aanleg in voor- of najaar) al bruikbaar voor licht gebruik. Intensief bespelen of kinderen erop laten ravotten is beter te wachten tot na zes weken.
Veelvoorkomende problemen en hoe je ze oplost
Zelfs als je alles goed doet, kunnen er achteraf problemen opduiken. Dit zijn de meest voorkomende, met de diagnose en de oplossing erbij.
Kuilen en oneffenheden
Oorzaak: onvoldoende egalisatie vooraf, of de grasmat heeft geen goed contact gemaakt met de ondergrond en is daarna ingedrukt. Oplossing: til de mat op, vul de lage plek aan met teelaarde of zand, leg de mat terug en druk goed aan. Doe dit vroeg, in de eerste twee weken, voordat de wortels te ver ingegroeid zijn.
Opstaande of openstaande randen

Oorzaak: matten te droog gelegd (ze krimpen licht bij uitdrogen), of naden niet goed aangedrukt. Oplossing: bevochtig de randen flink en druk ze aan met een plank en je voet. Als de opening te groot is (meer dan 1 cm), strooi een beetje teelaarde in de naad en zaai die in met grasseed van hetzelfde type. Houd die plek vochtig.
Kale plekken en slechte wortelvorming
Oorzaak: te droog tijdens de eerste weken, te dikke viltlaag eronder die wortelgroei blokkeert, of een verdichte bodem. Diagnose: til een mat op. Zie je droge, witte worteltjes die niet ingegroeid zijn? Dan was het te droog of was er geen contact met de ondergrond. Oplossing: hevel de mat op, verbeter de ondergrond, bevochtig en leg terug. Bij een echte kale plek na zes weken is bijzaaien de snelste weg: strooi grasseed, dek licht af met teelaarde en houd vochtig.
Onkruid dat doorbreekt
Oorzaak: onkruidzaden in de bodem, of kweekgras dat door de mat heen groeit vanuit de oude laag eronder. Oplossing: verwijder onkruid zo vroeg mogelijk met de hand, inclusief de wortel. Bij kweekgras dat van onderaf doorkomt is de enige echte oplossing de mat opnemen en de ondergrond alsnog grondig schoonmaken. Dit is precies de reden waarom de voorbereiding zo belangrijk is.
Losliggende matten
Oorzaak: te weinig water, vorst kort na aanleg (bij vroege of late aanleg), of betreding voordat de wortels vastzaten. Oplossing: druk losliggende matten opnieuw aan, geef water en vermijd betreding. Bij vorstschade in het najaar is het soms nodig een mat te vervangen.
Als grasmatten niet de beste keuze zijn: alternatieven en nazorg
Eerlijk gezegd is grasmatten over bestaand gras leggen niet altijd de slimste zet. Er zijn situaties waarbij een ander aanpak sneller, goedkoper en duurzamer is. Hieronder de meest relevante alternatieven voor de Nederlandse tuin.
Doorzaaien met gras of klaver
Heb je een gazon dat dunner is geworden maar nog niet echt kaal? Dan is doorzaaien vaak goedkoper en minder work dan nieuwe matten. Verticuteer het gazon eerst, zaai grasseed (of een mengsel met micro-klaver) en houd de bodem vochtig. Klaver heeft als extra voordeel dat het de bodem zelf bemest door stikstofbinding, minder water vraagt dan puur gras en goed bestand is tegen droogte. Voor een gemengd gazon in een achtertuin is een gras-klaver mengsel in Nederland een steeds populairdere keuze.
Bodembedekkers voor lastige plekken
Schaduwrijke plekken waar gras het nooit goed doet, zijn beter af met bodembedekkers zoals pachysandra, eikvaren of klimop. Dat scheelt je eeuwig aanmodderen met schaduwgrasmix die het toch nooit echt wordt. Een mozaïek van tegels en gras, waarbij je de schaduwzone oplost met sierbestrating en de zonnige delen echte grasmat geeft, is een andere aanpak die goed past bij Nederlandse voortuinen en kleine achtertuinen.
Kunstgras: wanneer het logisch is
Kunstgras is geen schijnoplossing, maar het is ook geen universeel antwoord. Het is wél logisch bij een voortuin met weinig licht waar je geen onderhoud wilt, een terrasomgeving waar een groen oppervlak gewenst is maar echte beworteling onmogelijk is (zoals op een dak of balkon), of bij intensief gebruik gecombineerd met drainage-problemen die niet opgelost kunnen worden. Wees eerlijk met jezelf: als je elk seizoen tegen dezelfde problemen aanlegt, is dat een teken dat de omstandigheden echte graszoden niet echt gunnen.
Nazorg voor de lange termijn
Een nieuw aangelegd gazon vraagt het eerste jaar wat extra aandacht. Maai regelmatig maar nooit meer dan een derde van de grasspriet per keer. Bemest in het voorjaar (april) en najaar (september) met een type meststof dat past bij het seizoen: stikstofrijk in het voorjaar voor groei, fosfaat- en kaliumrijk in het najaar voor wortelsterkte en vorstbestendigheid. Verticuteer eens per jaar in het voorjaar om viltvorming te voorkomen, zodat je over drie jaar niet opnieuw voor dezelfde situatie staat als waarmee je begon.
FAQ
Is grasmatten over gras leggen ook mogelijk als ik een hoogteverschil heb met mijn terras of opsluitbanden?
Ja, maar alleen als je precies kunt aansluiten op het gewenste eindniveau en je geen viltlaag of verdichte ondergrond hebt. Bij kleine verschillen werkt “treden” vaak niet, omdat je het hoogteverschil na aanleg bijna altijd terugziet in bandjes of drempels. Meet daarom vóór het afplaggen de huidige hoogte op meerdere punten en bepaal de benodigde afname (grasmat is gemiddeld 3 tot 4 cm dik).
Wanneer is de beste tijd in Nederland om grasmatten over bestaand gras te leggen (voorjaar, zomer of najaar)?
Het mag, maar vers gras groeit vooral goed als de grondtemperatuur nog niet te laag is. Richt in Nederland op aanleg in voor- of najaar, vermijd perioden met langdurige vorst of dagen waarop de grond al dichtvriest. Bij late aanleg is extra watercontrole belangrijk, omdat uitdroging en vorstschade elkaar kunnen versterken.
Wanneer is doorzaaien met grasseed beter dan grasmatten leggen op een dun gazon?
Bij bijna-kale plekken is doorzaaien meestal verstandiger dan matten, omdat matten daar relatief duur en vaak gevoelig zijn voor naden. Gebruik grasmatten vooral wanneer er onkruidproblemen, viltvorming of structurele bodemissues spelen. Als je kiest voor matten, controleer dan eerst of de ondergrond vlak en schoon is, anders blijft het probleem onder de nieuwe laag doorlopen.
Hoe weet ik of ik na het leggen genoeg water geef, en dat het niet alleen bovenop nat blijft?
Als het water onder de mat niet goed doorloopt, krijg je snel losse of “zwevende” plekken. Til daarom direct na water geven een hoekje op en check of de ondergrond echt vochtig is, niet alleen de mat zelf. Geef liever vaker en iets minder volume in zandige tuingrond, en vermijd dat er plassen ontstaan op klei.
Wat als er kweekgras of onkruid aanwezig is in het bestaande gazon, kan ik dan gewoon afmaaien en matten leggen?
Dat kan, maar het verkort de levensduur als je het bestaande gras sterk laat terugkomen. Voor kweekgras is “alleen wat maaien” bijna nooit genoeg, het moet echt uitgegraven en/of volledig schoon worden gemaakt tot onder het niveau van waar je de mat legt. Als je kweekgras ziet of vermoedt, kies dan voor afplaggen en grondig verwijderen, anders groeit het later door via de mat.
Waar moet ik bij levering en opslag van grasmatten op letten om problemen later te voorkomen?
Een rol die geel ziet of heet aanvoelt is een waarschuwing dat de grasmat al in problemen zit door zuurstofgebrek. Bovendien kan zo’n mat minder goed aanslaan doordat de wortelmassa verzwakt. Zet levering op de aanlegdag en controleer bij aflevering op kleur, geur (niet zuur) en dat matten niet uitdrogen tijdens wachten.
Wat doe ik als de voegen tussen grasmatten open blijven of zichtbaar uiteenlopen?
Onregelmatige naden zijn vaak de oorzaak van droogteplekken en opstartproblemen, omdat die naden niet dezelfde bodembedekking geven als de rest van de mat. Bij grotere openingen (ruim boven ongeveer 1 cm) is alleen aandrukken niet genoeg: vul met teelaarde en zaai in met grasseed van hetzelfde type. Houd die plek daarna extra vochtig tot het gesloten is.
Wanneer mag ik voor het eerst maaien en is het veilig om er met een grasmaaier op te rijden?
Voor optimale beworteling moet de mat echt contact maken met de ondergrond, dat lukt alleen als je na het leggen stevig aandrukt en meteen controleert op hobbels of kuilen. Rijd niet met een zware grasmaaier op een vers gazon, wacht bij voorkeur tot ongeveer zes weken. Eerder maaien kan alleen als de grasmat goed vastzit en je licht maait (en alleen met een scherpe maaikop).
Wat te doen als grasmatten niet aanslaan na ongeveer twee weken?
Als de matten na twee weken nog los aanvoelen, betekent dat meestal te weinig water, onvoldoende bodemcontact of een te sterke viltlaag eronder. Probeer niet te “redden” door alleen boven water te geven, til in zo’n geval één of meerdere matstukken op om de wortelstatus te checken (droog, wit en niet ingegroeid is een signaal). Daarna pas je ofwel waterstrategie, contact (afdrukken) of ondergrondverbetering aan.




